Jaarvergadering 2010
Verslag ledenvergadering Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren, gehouden op 28 mei 2010 in het Gouvernement aan de Maas is Maastricht.1. Opening
De voorzitter opent de vergadering om 13.30 uur en heet de leden van het Genootschap van harte welkom in de fraaie Statenzaal van het Gouvernement aan de Maas. Dit mooie gebouw werd in 1986 door koningin Beatrix geopend. Het Genootschap was al eerder, in 2000 en in 1993, te gast in Maastricht. Dank aan de gastheren Leo Hauben en Huub Paulissen voor de fantastische organisatie. Veel dank en waardering ook voor de provincie Limburg.
De voorzitter begint met het noemen van de namen van de oud-leden die sinds de najaarsvergadering zijn overleden:
- Toon van den Braak, waarnemend hoofdredacteur van het Brabants Dagblad, die 22 december 2009 op 94-jarige leeftijd is overleden;
- Jules van Neerven, oud-hoofdredacteur van het Limburgs Dagblad, die 24 maart 2010 op 80-jarige leeftijd is overleden;
- Joost Divendal, oud-hoofdredacteur van De Journalist, die 21 mei 2010 op 55-jarige leeftijd is overleden;
- Hans Verploeg, geen hoofdredacteur maar als secretaris van de NVJ wel jarenlang betrokken bij ons werk. Hij overleed 25 mei 2010 op 65-jarige leeftijd.
De voorzitter vraagt een ogenblik stilte voor deze vier mannen die we met eerbied herdenken.
2. Verslag van de najaarsvergadering van 28 november 2009
De notulen worden ongewijzigd vastgesteld.
3. Bestuursmededelingen
Geen mededelingen.
4. Ledenbestand
Als nieuwe leden worden benoemd:
- Mischa van den Berg, RTV Noord
- Michiel Bicker Caarten, WNL
- Jap Jaap Heij, De Pers
- Alain van der Horst, De Pers
- Bert de Jong, Leeuwarder Courant
- John van den Oetelaar, Eindhovens Dagblad
- Stella Ruisch, De Telegraaf
- Patrick Selbach, ANP
- Gerard Walhof, VPRO Radio
Patrick Selbach, adjunct-hoofdredacteur ANP, stelt zich aan de leden voor. Patrick werkt al 20 jaar bij het ANP en heeft, behalve de sportredactie, alle redacties gehad.
5. Naar aanleiding van schriftelijke rapportage
De voorzitter stelt voor de Commissie Nieuwe Media op te heffen. De vergadering gaat hiermee akkoord.
Verslag secretaris Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren 2009
Het aantal leden van het Genootschap van Hoofdredacteuren (NGvH) is het afgelopen jaar teruggelopen van 104 naar 94 leden nu. Het bestuur heeft zich ingespannen om het ledenaantal minstens op gelijk niveau te houden, maar kon niet voorkomen dat er aan het einde van 2009, kennelijk onder invloed van de economische crisis, een golf van opzeggingen zichtbaar werd.
Ondanks deze lichte dip in het ledenbestand werd de viering van het 50-jarig jubileum van het NGvH in het Circustheater in Scheveningen een groot succes. Mede dankzij een bijzonder royale subsidie van de gemeente Den Haag kon de leden in aanwezigheid van koningin Beatrix, prinses Màxima en kroonprins Willem-Alexander een memorabele jubileumviering worden aangeboden.
Arnon Grunberg hield een stevige voordracht, Tony van der Meulen kon het jubileumboek aan koningin Beatrix aanbieden die daarmee een helder inzicht werd geboden in de dilemma’s van de moderne hoofdredacteur. Het daaropvolgende diner en feest rondden de festiviteiten af.
Een belangrijk deel van het bestuur (Arendo Joustra, Bernadette Slotboom, Harm Taselaar en Marcel van Lingen) maakt plaats voor een nieuwe lichting bestuurders. De hoofdredacteur van het Dagblad van het Noorden, Pieter Sijpersma, is door het bestuur voorgedragen als nieuwe voorzitter, in opvolging van Arendo Joustra.
De ledenvergadering in mei 2009 in Amsterdam stond in het teken van de schending van het auteursrecht en hoe daarop in te springen, Gerbert van Loenen sprak. Hoogleraar Marcel Broersma sprak de leden toe en de ontwikkeling van de e-papers werd door Jan Bierhoff en Piet Bakker toegelicht.
Marcel van Lingen, mei 2010
Verslag penningmeester Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren 2009
Penningmeester Erik van Gruijthuijsen zegt dat de gemeente Den Haag een royale bijdrage heeft geleverd aan het jubileum. Het Genootschap betaalde ruim 37.000 euro mee. Dit betekent dat we momenteel een beetje krap bij kas zitten maar er zit nog een subsidie aan te komen van het Stimuleringsfonds voor de Pers.
Verslag commissie Opleidingen 2009
De commissie Opleidingen is het voorbije jaar niet als commissie bijeen geweest. Daarmee is niet gezegd dat er vanuit de commissie geen activiteit is geweest. Op verschillende momenten en in diverse media is de aandacht gevestigd op het feit dat enerzijds de werkgelegenheid in de journalistiek onder grote druk staat en anderzijds het aantal jongeren dat zich inschrijft voor studies ‘media’, ‘communicatie’ of ‘journalistiek’ alleen maar toeneemt. Zie ook de recente artikelen hierover in en op Villamedia.
Op het eerste gezicht is het de vraag of commissie/Genootschap iets moeten vinden van die grote toestroom aan studenten. De opleidingen voorzien in een breed pallet aan opleidingen die aansluiten bij de veranderingen die zich in het werkveld voltrekken: multimediaal, crossmediaal, journalism 2.0: voor elke nieuwe stroming is wel een studierichting voorhanden – of wordt-ie als er studenten voor zijn desnoods snel verzonnen. Een groot aanbod van afgestudeerden geeft mediabedrijven bovendien- in theorie – de kans om scherp te selecteren.
Toch is er ook enige reden tot zorg. Niet eens zozeer over de evidente verspilling van overheidsgeld die het gevolg si van de veelheid van opleidingen. Waar moeten de honderden studenten die de opleidingen elk jaar uitspuwen in ’s hemelsnaam aan de slag? De Plasterk-regeling voor jonge journalisten is in dat licht niet meer dan een druppel op de gloeiende plaat.
Er zijn twee ontwikkelingen waarneembaar, waar de commissie – liefst ook met enige versterking – zich het komend jaar over zou moeten buigen. Op de eerste plaats is dat het gegeven dat het mbo nu ook de journalistiek heeft ontdekt. Bij het Platform Media Stages (NVJ, NUV, HBO-opleidingen), Media Academie, Groningen en Genootschap) hebben onderzoekers van het GOC zich gemeld met een plan voor een mbo-opleiding journalistiek. Dat is ter plekke afgeschoten, omdat het voorgestelde curriculum bijkans een kopie was van dat van de hbo-opleidingen. Daarmee is niet gezegd dat er op moderne multimediale redacties geen behoefte kan bestaan aan medewerkers op mbo-niveau. Maar de kern van ons vak vraagt nu eenmaal mensen die op een ander, hoger niveau zijn opgeleid. Een mbo-opleiding gericht op het werken in een journalistieke omgeving moet daar inhoudelijk op zijn toegespitst. Alleen dan heeft die opleiding een meerwaarde.
De tweede ontwikkeling die, niet voor het eerst, zorgen baart is het risico van vervlakking bij met name de hbo-opleidingen. Onder druk van de enorme belangstelling van studenten voor tv, show en entertainment, zou de training in de elementaire vaardigheden voor ons vak in het gedrang kunnen komen, juist nu het belang daarvan in deze van voorlichters, woordvoerders en spindokters samenleving alleen maar toeneemt. De commissie kan haar tanden de komende tijd stukbijten op dit vraagstuk en het is ook zeker onderwerp van gesprek op de voor het komend najaar geplande 4e Nijenrode-conferentie. Daarover volgt binnenkort nadere informatie.
Jos Timmers, mei 2010
Huub Elzerman merkt op dat de NVJ al een brief naar de minister heeft gestuurd naar aanleiding van het te eel aan nieuwe opleidingen.
Verslag commissie Juridische Zaken & Ethiek 2009
De Commissie heeft één vacature. Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden bij Pieter Sijpersma: pieter.sijpersma@dvhn.nl
Verslag Landelijke Politie Perskaart 2009
Het bestuur kwam in 2009 drie keer bijeen, er waren twee zittingen van de hoorcommissie. Aan drie aanvragers werd de gelegenheid gegeven om hun bezwaar tegen hun afgewezen aanvraag mondeling toe te lichten. In één geval werd na de hoorcommissie de kaart alsnog toegewezen. Vier anderen werden per brief op de hoogte gebracht van de afwijzing, nadat het bestuur hun aanvraag had beoordeeld. De afgewezenen konden niet aantonen dat zij voldeden aan de verstrekkingscriteria. Namelijk: dat zij van hoofdberoep (foto-)journalist waren, werkten voor een massamedium en dat zij de kaart ook daadwerkelijk voor de uitoefening van hun beroep nodig hebben. Controle geschiedde aan de hand van meegestuurd gepubliceerd of uitgezonden materiaal, referenties van opdrachtgevers, alsmede het eventuele lidmaatschap van één van de in het bestuur participerende journalistieke organisaties.
Uitgifte van de kaart
Er werden 342 eenjarige kaarten voor 2009 en 120 tweejarige kaarten voor 2008/2009 verstrekt; en voorts 297 eenjarige kaarten voor 2010 en 461 tweejarige kaarten voor 2010/2011 (het grootste deel van de kaarten voor 2010 en 2010/2011, in 2009 aangevraagd, werd pas in 2010 gedrukt).
Het bestuur heeft zich in 2009 gebogen over een noodzakelijke tariefsverhoging, onder meer vanwege de toegenomen drukkosten. De prijs van de kaart is voor de jaren 2010/2011 verhoogd met 10%, de prijs voor eenjarige kaarten bedraagt 38,50 euro en voor tweejarige kaarten 55 euro. De tarieven waren sinds 2005 niet meer aangepast.
Ook in 2009 heeft het bestuur een aantal meldingen binnengekregen over misbruik. Elke melding wordt zorgvuldig afgewogen;uitgangspunt voor het bestuur is dat oneigenlijk gebruik van de kaart consequent wordt aangepakt. Om die reden heeft het bestuur de criteria in 2009 aangescherpt:
- De aanvrager moet journalist van hoofdberoep zijn en meerderjarig;
- Beginners krijgen na de eenjarige kaart niet vanzelfsprekend een tweejarige kaart;
- Extra vereiste voor freelancers: inschrijving bij de Kamer van Koophandel;
- Het inkomenscriterium is verhoogd;
- De politieperskaart blijft, ook na verstrekking, te allen tijde eigendom van de Stichting Landelijke Politieperskaart.
Erik van Gruijthuijsen, mei 2010
Verslag Stichting Raad voor de Journalistiek 2009
Het bestuur van de Stichting heeft zich onder leiding van zijn voorzitter Fons van Westerloo, vooral geconcentreerd op een inventarisatie van de onvrede die onder sommige vakgenoten leeft over het functioneren van de Raad. Bij vrijwel alle mediaorganisaties die zich niet langer willen onderwerpen aan het regime van de Raad richt de kritiek zich op sommige delen van de werkwijze van de Raad maar niet op de Raad zelf als belangrijk instituut. Er bleek grote bereidheid tot invoering van de maatregelen die in het beleidsplan (‘Bouwstenen voor een tweede jeugd’, voorjaar 2009) staan. Zo werden aanpassingen in het reglement voorbereid en de procedures voor de benoeming van vijf burgerleden en een nieuwe voorzitter van de Raad in gang gezet en afgerond. De huidige voorzitter van de Raad, mr. Ton Herstel, blijft tot 1 oktober voorzitter. Op die datum treedt de nieuwe voorzitter, mr. Victor Lebesque, in functie.
Een belangrijk feit was de definitieve goedkeuring van de subsidieaanvrage bij het ministerie van OC&W om het werk van de Raad verder te professionaliseren. Deze subsidie maakt het voor het eerst in de geschiedenis van de Raad mogelijk de voorzitter financieel te honoreren. Ook kon voor dat bedrag een juniorsecretaris worden aangetrokken, wat de kleine staf van de Raad wat meer armslag geeft. De Raad treedt in het najaar van 2010 op als gastheer voor een bijeenkomst van de Alliance of Independent Press Councils of Europe (AIPCE). Dat valt samen met het 50-jarig jubileum van de Raad.
In voorbereiding is tevens een miniconferentie in samenwerking met leden van de Stichting, de Raad en het Genootschap van Hoofdredacteuren om verdere wensen tot verbetering van het werk van de Raad te inventariseren.
De Raad behandelt per jaar zo’n 70 klachten.
Jan Geert Majoor, mei 2010
Verslag Stichting Nederlandse Sport Pers
Het is verleidelijk om in het jaarverslag van de NSP opnieuw een klaagzang aan te heffen over de manier waarop de voetbalclubs in de eredivisie en de belangenorganisatie ECV menen alle andere verslaggevers dan die van de NOS te moeten behandelen. Want ondanks een door ECV en NSP afgesproken convenant met rechten en plichten, dat voor alle clubs zou moeten gelden, blijkt geregeld dat voorlichters, persfunctionarissen, trainers, spelers en bestuurders de afspraken van een geheel eigen interpretatie voorzien. Overigens worden de meeste plooien uiteindelijk wel weer gladgestreken. En soms is het clubs ook niet echt kwalijk te nemen dat zij het zich kwijt raken op iedereen die zich ‘pers’ noemt en een plaatst eist op de perstribune.
Het is in dit verband interessant om komend seizoen Ajax van dichterbij te volgen en te zien of hoofdsponsor Aegon er in slaagt het persbeleid van de hoofdstedelijke club bij te sturen. Aegon heeft zoals bekend een langjarige ervaring in het schaatsen en de werkomstandigheden voor de media zijn over het algemeen uitstekend – zowel technisch-organisatorisch als de toegankelijkheid van de sporters. De moeite die Aegon hier voor heeft gedaan is nooit zonder eigenbelang geweest. Maar de journalistiek heeft daar alleen maar baat bij gehad. Gelet op de bijna nationale anti-Ajax-houding aan het eind van het voetbalseizoen, kan het niet anders dan dat Aegon zich als hoofdsponsor daar zorgen over maakt. Een meer coöperatieve (lees eigenlijk: professionele) houding jegens de pers lost het Amsterdamse imagoprobleem niet op, maar je moet ergens beginnen.
Diezelfde boodschap zal de NSP bezorgen bij de nieuwe bestuurlijke top van NOC*NSF.
Aanleiding: de publicitaire puinhoop die de woordvoerders van NOC*NSF ervan hebben gemaakt tijdens de winterspelen in Vancouver. Er klopte weinig tot niets en alleen dankzij de aanwezigheid van de NSP en het optreden van enkele schrandere verslaggevers zijn grotere publicitaire rampen dan het radio-optreden van Erica Terpstra voorkomen. Als de sportkoepel een serieuze gooi wil doen naar de kandidatuur voor de Olympische Spelen van 2028, moeten verslaggevers worden behandeld op een manier die recht doet aan de belangrijke eigen onafhankelijke positie van de media. De nieuwe directeur van NOC*NSF zou dat als geen ander moeten snappen.
Voor de rest waren veel activiteiten van de NSP het afgelopen jaar business-as-usual. De aanloop naar het WK-voetbal kende geen grote problemen; die komen wel als het toernooi begonnen is.
Jos Timmes, mei 2010
Free Voice
Pieter Broertjes deelt mede dat Free Voice en Press Now samen gaan. De Raad van Toezicht vervalt daarmee en dus ook de functie van Pieter.
6. Evaluatie jubileum/ledenvergadering 28 november 2009
Geen opmerkingen. Het was een mooi festijn.
7. Bestuurssamenstelling
Op deze vergadering zullen vier bestuursleden aftreden en niet herkiesbaar zijn. Dat zijn:
- Arendo Joustra, voorzitter
- Marcel van Lingen, secretaris
- Bernadette Slotboom, lid
- Harm Taselaar, lid.
Het zittende bestuur is de leden die zich de afgelopen maanden kandidaat hebben gesteld voor het nieuwe bestuur buitengewoon erkentelijk voor hun bereidheid bestuurstaken op zich te nemen Bij het samenstellen van het nieuwe bestuur is getracht de diversiteit van het Genootschap tot uitdrukking te brengen. Dit betekent dat helaas niet elke wens om toe te treden tot het bestuur tot een voorstel heeft geleid.
Volgens de statuten bestaat het bestuur uit ten minste vijf leden die door de algemene vergadering worden gekozen. De voorzitter wordt in zijn functie gekozen en onder zijn leiding worden de overige bestuursfuncties verdeeld.
- Aftredend en terstond herkiesbaar: Pieter Sijpersma (DvhN). Het bestuur stelt voor hem vanwege de continuïteit in het bestuur tot voorzitter te benoemen;
- Aftredend en terstond herkiesbaar: Erik van Gruijthuijsen (ANP.
Als overige bestuursleden stelt het zittende bestuur voor, in alfabetische volgorde:
3. Marcel Gelauff (NOS Nieuws)
4. Paul van Gessel (BNR Nieuwsradio)
5. Laurens Verhagen (Nu.nl).
Pieter Broertjes merkt op niet enthousiast te zijn omdat er geen vrouw in het nieuwe bestuur komt.
De voorzitter zegt te kijken naar mensen en niet naar of iemand man of vrouw is.
Bernadette Slotboom geeft aan dat een vrouw in het bestuur belangrijk is. Op dit moment is er binnen het bestuur geen vertegenwoordiger van een tijdschrift of landelijke krant. Het bestuur kan nog met twee personen worden uitgebreid. Het nieuwe bestuur kan hier naar kijken.
8. Jaarrede voorzitter
Toespraak Arendo Joustra, voorzitter van het Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren, op de Jaardag van het Genootschap in de Statenzaal van het Gouvernement van Limburg in Maastricht, vrijdag 28 mei 2010, 14.00 uur.
9. Vagen, discussie naar aanleiding van de jaarrede van de voorzitter
Willem Schoonen wil naar aanleiding van de passage over het aftreden van Birgit Donker bij NRC Handelsblad en de verhouding tussen directie en hoofdredactie opmerken dat de hoofdredactie van Dagblad Trouw één opdracht heeft meegekregen namelijk een goede krant maken
Marcel Gelauff spreekt zijn dank uit nav zijn benoeming tot secretaris van het Genootschap. Hijj hoopt een waardige opvolger te zijn van Marcel van Lingen.
Over de commotie rondom het jongetje Ruben merkt hij op dat Hans Laroes gepleit heeft voor een gedragscode. De RvdJ zou daarin het voortouw kunnen nemen. Achteraf gezien vindt Laroes dat de NOS te snel beelden van het jongetje Ruben heeft laten zien. De discussie zal gekanaliseerd worden.
Arendo zegt dat onze code of een richtlijn laat zien waar je staat.
Henk Blanken vult aan dat in de leidraad van de RvdJ al iets staat over privacy.
10. Rondvraag en sluiting
Erik van Gruijthuijsen meldt dat zojuist bekend is geworden dat het ANP een nieuwe eigenaar heeft: V-Ventures, een investeringstak van de Vereniging Veronica. Dit is volgens Erik goed nieuws voor het ANP en voor de journalistiek. V-Ventures wordt voor 100 procent eigenaar van het ANP. Voor de afnemers verandert er niets, alles wat nu geldt blijft onveranderd.
Pieter Sijpersma zegt dat voor het vertrek van de voorzitter en de vier bestuursleden gekozen is voor een sober afscheid. Het bestuur in de huidige samenstelling heeft goed samengewerkt en veel plezier gehad. Pieter dankt Bernadette, Harm en Marcel en tevens veel dank voor onze welbespraakte, bedachtzame en voorkomende voorzitter Arendo Joustra, die zich een voortreffelijk ambassadeur heeft getoond in de afgelopen jaren.
De voorzitter sluit de vergadering om 14.15 uur.
In het middagprogramma aandacht voor het ‘sterrengedrag’ van bekende Nederlanders met aansluitend discussie. Verder een optreden van advocaat Olaf Trojan over de bescherming van leden van het Koninklijk Huis en een discussie over de verkiezingspolls met dr. Philip van Praag, politicoloog aan de UvA.
Einde middagprogramma: 17.00 uur.
VERSLAG VAN DE JAARVERGADERING VAN HET
NEDERLANDS GENOOTSCHAP VAN HOOFDREDACTEUREN, GEHOUDEN OP 28 MEI 2010, 13.30
UUR, IN HET GOUVERNEMENT AAN DE MAAS IN MAASTRICHT
1. Opening
De voorzitter opent de vergadering om 13.30 uur en heet de leden van het
Genootschap van harte welkom in de fraaie Statenzaal van het Gouvernement aan
de Maas. Dit mooie gebouw werd in 1986 door koningin Beatrix geopend. Het Genootschap was al eerder, in 2000 en in
1993, te gast in Maastricht. Dank aan de
gastheren Leo Hauben en Huub Paulissen voor de fantastische organisatie. Veel
dank en waardering ook voor de provincie Limburg.
De voorzitter begint met het noemen van de namen van de oud-leden die sinds de
najaarsvergadering zijn overleden:
- Toon van den Braak, waarnemend hoofdredacteur van het Brabants Dagblad, die
22 december 2009 op 94-jarige leeftijd is overleden;
- Jules van Neerven, oud-hoofdredacteur van het Limburgs Dagblad, die 24 maart
2010 op 80-jarige leeftijd is overleden;
- Joost Divendal, oud-hoofdredacteur van De Journalist, die 21 mei 2010 op
55-jarige leeftijd is overleden;
- Hans Verploeg, geen hoofdredacteur maar als secretaris van de NVJ wel
jarenlang betrokken bij ons werk. Hij
overleed 25 mei 2010 op 65-jarige
leeftijd.
De voorzitter vraagt een ogenblik stilte voor deze vier mannen die we met
eerbied herdenken.
2. Verslag van de najaarsvergadering van 28 november 2009
De notulen worden ongewijzigd vastgesteld.
3. Bestuursmededelingen
Geen mededelingen.
4. Ledenbestand
Als nieuwe leden worden benoemd:
- Mischa van den Berg, RTV Noord
- Michiel Bicker Caarten, WNL
- Jap Jaap Heij, De Pers
- Alain van der Horst, De Pers
- Bert de Jong, Leeuwarder Courant
- John van den Oetelaar, Eindhovens Dagblad
- Stella Ruisch, De Telegraaf
- Patrick Selbach, ANP
- Gerard Walhof, VPRO Radio
Patrick Selbach, adjunct-hoofdredacteur ANP, stelt zich aan de leden voor.
Patrick werkt al 20 jaar bij het ANP en heeft, behalve de sportredactie, alle
redacties gehad.
5. Naar aanleiding van schriftelijke rapportage
De voorzitter stelt voor de Commissie Nieuwe Media op te heffen. De
vergadering gaat hiermee akkoord.
Verslag secretaris Nederlands Genootschap
van Hoofdredacteuren 2009
Het aantal leden van het Genootschap van Hoofdredacteuren (NGvH) is het
afgelopen jaar teruggelopen van 104 naar 94 leden nu. Het bestuur heeft zich
ingespannen om het ledenaantal minstens op gelijk niveau te houden, maar kon
niet voorkomen dat er aan het einde van 2009, kennelijk onder invloed van de
economische crisis, een golf van opzeggingen zichtbaar werd.
Ondanks deze lichte dip in het ledenbestand werd de viering van het 50-jarig
jubileum van het NGvH in het Circustheater in Scheveningen een groot succes.
Mede dankzij een bijzonder royale subsidie van de gemeente Den Haag kon de
leden in aanwezigheid van koningin Beatrix, prinses Màxima en kroonprins
Willem-Alexander een memorabele jubileumviering worden aangeboden.
Arnon Grunberg hield een stevige voordracht, Tony van der Meulen kon het
jubileumboek aan koningin Beatrix aanbieden die daarmee een helder inzicht werd
geboden in de dilemma’s van de moderne hoofdredacteur. Het daaropvolgende diner
en feest rondden de festiviteiten af.
Een belangrijk deel van het bestuur (Arendo Joustra, Bernadette Slotboom, Harm
Taselaar en Marcel van Lingen) maakt plaats voor een nieuwe lichting
bestuurders. De hoofdredacteur van het Dagblad van het Noorden, Pieter
Sijpersma, is door het bestuur voorgedragen als nieuwe voorzitter, in opvolging
van Arendo Joustra.
De ledenvergadering in mei 2009
in Amsterdam stond in het teken van de schending van het
auteursrecht en hoe daarop in te springen, Gerbert van Loenen sprak. Hoogleraar
Marcel Broersma sprak de leden toe en de ontwikkeling van de e-papers werd door
Jan Bierhoff en Piet Bakker toegelicht.
Marcel van Lingen, mei 2010.
Verslag penningmeester Nederlands
Genootschap van Hoofdredacteuren 2009
Penningmeester Erik van Gruijthuijsen zegt dat de gemeente Den Haag een
royale bijdrage heeft geleverd aan het jubileum. Het Genootschap betaalde ruim
37.000 euro mee. Dit betekent dat we momenteel een beetje krap bij kas zitten
maar er zit nog een subsidie aan te komen van het Stimuleringsfonds voor de
Pers.
Verslag commissie Opleidingen 2009
De commissie Opleidingen is het voorbije jaar niet als commissie bijeen
geweest. Daarmee is niet gezegd dat er vanuit de commissie geen activiteit is
geweest. Op verschillende momenten en in diverse media is de aandacht gevestigd
op het feit dat enerzijds de werkgelegenheid in de journalistiek onder grote
druk staat en anderzijds het aantal jongeren dat zich inschrijft voor studies
‘media’, ‘communicatie’ of ‘journalistiek’ alleen maar toeneemt. Zie ook de
recente artikelen hierover in en op Villamedia.
Op het eerste gezicht is het de vraag of commissie/Genootschap iets moeten
vinden van die grote toestroom aan studenten. De opleidingen voorzien in een
breed pallet aan opleidingen die aansluiten bij de veranderingen die zich in
het werkveld voltrekken: multimediaal, crossmediaal, journalism 2.0: voor elke
nieuwe stroming is wel een studierichting voorhanden – of wordt-ie als er
studenten voor zijn desnoods snel verzonnen. Een groot aanbod van
afgestudeerden geeft mediabedrijven bovendien- in theorie – de kans om scherp
te selecteren.
Toch is er ook enige reden tot zorg. Niet eens zozeer over de evidente
verspilling van overheidsgeld die het gevolg si van de veelheid van
opleidingen. Waar moeten de honderden studenten die de opleidingen elk jaar
uitspuwen in ’s hemelsnaam aan de slag? De Plasterk-regeling voor jonge
journalisten is in dat licht niet meer dan een druppel op de gloeiende plaat.
Er zijn twee ontwikkelingen waarneembaar, waar de commissie – liefst ook met
enige versterking – zich het komend jaar over zou moeten buigen. Op de eerste
plaats is dat het gegeven dat het mbo nu ook de journalistiek heeft ontdekt.
Bij het Platform Media Stages (NVJ, NUV,
HBO-opleidingen), Media Academie, Groningen en Genootschap) hebben onderzoekers
van het GOC zich gemeld met een plan voor een mbo-opleiding journalistiek. Dat
is ter plekke afgeschoten, omdat het voorgestelde curriculum bijkans een kopie
was van dat van de hbo-opleidingen. Daarmee is niet gezegd dat er op moderne
multimediale redacties geen behoefte kan bestaan aan medewerkers op mbo-niveau.
Maar de kern van ons vak vraagt nu eenmaal mensen die op een ander, hoger
niveau zijn opgeleid. Een mbo-opleiding gericht op het werken in een
journalistieke omgeving moet daar inhoudelijk op zijn toegespitst. Alleen dan
heeft die opleiding een meerwaarde.
De tweede ontwikkeling die, niet voor het eerst, zorgen baart is het risico van
vervlakking bij met name de hbo-opleidingen. Onder druk van de enorme
belangstelling van studenten voor tv, show en entertainment, zou de training in
de elementaire vaardigheden voor ons vak in het gedrang kunnen komen, juist nu
het belang daarvan in deze van voorlichters, woordvoerders en spindokters
samenleving alleen maar toeneemt. De commissie kan haar tanden de komende tijd
stukbijten op dit vraagstuk en het is
ook zeker onderwerp van gesprek op de voor het komend najaar geplande 4e
Nijenrode-conferentie. Daarover volgt binnenkort nadere informatie.
Jos Timmers, mei 2010.
Huub Elzerman merkt op dat de NVJ al een brief naar de minister heeft gestuurd
naar aanleiding van het te eel aan nieuwe opleidingen.
Verslag commissie Juridische Zaken &
Ethiek 2009
De Commissie heeft één vacature. Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden bij
Pieter Sijpersma: pieter.sijpersma@dvhn.nl
Verslag Landelijke Politie Perskaart 2009
Het bestuur kwam in 2009 drie keer bijeen, er waren twee zittingen van de
hoorcommissie. Aan drie aanvragers werd de gelegenheid gegeven om hun bezwaar
tegen hun afgewezen aanvraag mondeling toe te lichten. In één geval werd na de
hoorcommissie de kaart alsnog toegewezen. Vier anderen werden per brief op de
hoogte gebracht van de afwijzing, nadat het bestuur hun aanvraag had
beoordeeld. De afgewezenen konden niet aantonen dat zij voldeden aan de
verstrekkingscriteria. Namelijk: dat zij van hoofdberoep (foto-)journalist
waren, werkten voor een massamedium en dat zij de kaart ook daadwerkelijk voor
de uitoefening van hun beroep nodig hebben. Controle geschiedde aan de hand van
meegestuurd gepubliceerd of uitgezonden materiaal, referenties van
opdrachtgevers, alsmede het eventuele lidmaatschap van één van de in het
bestuur participerende journalistieke organisaties.
Uitgifte van de kaart
Er werden 342 eenjarige kaarten voor 2009 en 120 tweejarige kaarten voor
2008/2009 verstrekt; en voorts 297 eenjarige kaarten voor 2010 en 461
tweejarige kaarten voor 2010/2011 (het grootste deel van de kaarten voor 2010
en 2010/2011, in 2009 aangevraagd, werd pas in 2010 gedrukt).
Het bestuur heeft zich in 2009 gebogen over een noodzakelijke tariefsverhoging,
onder meer vanwege de toegenomen drukkosten. De prijs van de kaart is voor de
jaren 2010/2011 verhoogd met 10%, de prijs voor eenjarige kaarten bedraagt
38,50 euro en voor tweejarige kaarten 55 euro. De tarieven waren sinds 2005
niet meer aangepast.
Ook in 2009 heeft het bestuur een aantal meldingen binnengekregen over
misbruik. Elke melding wordt zorgvuldig afgewogen;uitgangspunt voor het bestuur
is dat oneigenlijk gebruik van de kaart consequent wordt aangepakt. Om die
reden heeft het bestuur de criteria in 2009 aangescherpt:
- De aanvrager moet journalist van hoofdberoep zijn en meerderjarig;
- Beginners krijgen na de eenjarige kaart niet vanzelfsprekend een tweejarige
kaart;
- Extra vereiste voor freelancers: inschrijving bij de Kamer van Koophandel;
- Het inkomenscriterium is verhoogd;
- De politieperskaart blijft, ook na verstrekking, te allen tijde eigendom van
de Stichting Landelijke Politieperskaart.
Erik van Gruijthuijsen, mei 2010.
Verslag Stichting Raad voor de
Journalistiek 2009
Het bestuur van de Stichting heeft
zich onder leiding van zijn voorzitter Fons van Westerloo, vooral
geconcentreerd op een inventarisatie van de onvrede die onder sommige
vakgenoten leeft over het functioneren van de Raad. Bij vrijwel alle
mediaorganisaties die zich niet langer willen onderwerpen aan het regime van de
Raad richt de kritiek zich op sommige delen van de werkwijze van de Raad maar
niet op de Raad zelf als belangrijk instituut. Er bleek grote bereidheid tot
invoering van de maatregelen die in het beleidsplan (‘Bouwstenen voor een tweede
jeugd’, voorjaar 2009) staan. Zo werden aanpassingen in het reglement
voorbereid en de procedures voor de benoeming van vijf burgerleden en een
nieuwe voorzitter van de Raad in gang gezet en afgerond. De huidige voorzitter
van de Raad, mr. Ton Herstel, blijft tot 1 oktober voorzitter. Op die datum
treedt de nieuwe voorzitter, mr. Victor Lebesque, in functie.
Een belangrijk feit was de definitieve goedkeuring van de subsidieaanvrage bij
het ministerie van OC&W om het werk van de Raad verder te professionaliseren.
Deze subsidie maakt het voor het eerst in de geschiedenis van de Raad mogelijk
de voorzitter financieel te honoreren. Ook kon voor dat bedrag een
juniorsecretaris worden aangetrokken, wat de kleine staf van de Raad wat meer
armslag geeft. De Raad treedt in het najaar van 2010 op als gastheer voor een bijeenkomst van de
Alliance of Independent Press Councils of Europe (AIPCE). Dat valt samen met
het 50-jarig jubileum van de Raad.
In voorbereiding is tevens een miniconferentie in samenwerking met leden van de
Stichting, de Raad en het Genootschap van Hoofdredacteuren om verdere wensen
tot verbetering van het werk van de Raad te inventariseren.
De Raad behandelt per jaar zo’n 70 klachten.
Jan Geert Majoor, mei 2010.
Verslag Stichting Nederlandse Sport Pers
Het is verleidelijk om in het jaarverslag van de NSP opnieuw een klaagzang
aan te heffen over de manier waarop de voetbalclubs in de eredivisie en de
belangenorganisatie ECV menen alle andere verslaggevers dan die van de NOS te
moeten behandelen. Want ondanks een door ECV en NSP afgesproken convenant met
rechten en plichten, dat voor alle clubs zou moeten gelden, blijkt geregeld dat
voorlichters, persfunctionarissen, trainers, spelers en bestuurders de
afspraken van een geheel eigen interpretatie voorzien. Overigens worden de
meeste plooien uiteindelijk wel weer gladgestreken. En soms is het clubs ook
niet echt kwalijk te nemen dat zij het zich kwijt raken op iedereen die zich
‘pers’ noemt en een plaatst eist op de perstribune.
Het is in dit verband interessant om komend seizoen Ajax van dichterbij te
volgen en te zien of hoofdsponsor Aegon er in slaagt het persbeleid van de
hoofdstedelijke club bij te sturen. Aegon heeft zoals bekend een langjarige
ervaring in het schaatsen en de werkomstandigheden voor de media zijn over het
algemeen uitstekend – zowel technisch-organisatorisch als de toegankelijkheid
van de sporters. De moeite die Aegon hier voor heeft gedaan is nooit zonder
eigenbelang geweest. Maar de journalistiek heeft daar alleen maar baat bij gehad.
Gelet op de bijna nationale anti-Ajax-houding aan het eind van het
voetbalseizoen, kan het niet anders dan dat Aegon zich als hoofdsponsor daar
zorgen over maakt. Een meer coöperatieve (lees eigenlijk: professionele)
houding jegens de pers lost het Amsterdamse imagoprobleem niet op, maar je moet
ergens beginnen.
Diezelfde boodschap zal de NSP bezorgen bij de nieuwe bestuurlijke top van
NOC*NSF.
Aanleiding: de publicitaire puinhoop die de woordvoerders van NOC*NSF ervan
hebben gemaakt tijdens de winterspelen in Vancouver. Er klopte weinig tot niets
en alleen dankzij de aanwezigheid van de NSP en het optreden van enkele
schrandere verslaggevers zijn grotere publicitaire rampen dan het
radio-optreden van Erica Terpstra voorkomen. Als de sportkoepel een serieuze
gooi wil doen naar de kandidatuur voor de Olympische Spelen van 2028, moeten
verslaggevers worden behandeld op een manier die recht doet aan de belangrijke
eigen onafhankelijke positie van de media. De nieuwe directeur van NOC*NSF zou
dat als geen ander moeten snappen.
Voor de rest waren veel activiteiten van de NSP het afgelopen jaar
business-as-usual. De aanloop naar het WK-voetbal kende geen grote problemen;
die komen wel als het toernooi begonnen is.
Jos Timmes, mei 2010.
Free Voice
Pieter Broertjes deelt mede dat Free Voice en Press Now samen gaan. De Raad
van Toezicht vervalt daarmee en dus ook de functie van Pieter.
6. Evaluatie jubileum/ledenvergadering 28 november 2009
Geen opmerkingen. Het was een mooi festijn.
7.
Bestuurssamenstelling
Op deze vergadering zullen vier bestuursleden aftreden en niet herkiesbaar
zijn. Dat zijn:
- Arendo Joustra, voorzitter
- Marcel van Lingen, secretaris
- Bernadette Slotboom, lid
- Harm Taselaar, lid.
Het zittende bestuur is de leden die zich de afgelopen maanden kandidaat hebben
gesteld voor het nieuwe bestuur buitengewoon erkentelijk voor hun bereidheid
bestuurstaken op zich te nemen Bij het samenstellen van het nieuwe bestuur is
getracht de diversiteit van het Genootschap tot uitdrukking te brengen. Dit betekent
dat helaas niet elke wens om toe te treden tot het bestuur tot een voorstel
heeft geleid.
Volgens de statuten bestaat het bestuur uit ten minste vijf leden die door de
algemene vergadering worden gekozen. De voorzitter wordt in zijn functie
gekozen en onder zijn leiding worden de overige bestuursfuncties verdeeld.
1. Aftredend en terstond herkiesbaar: Pieter Sijpersma (DvhN). Het bestuur
stelt voor hem vanwege de continuïteit in het bestuur tot voorzitter te
benoemen;
2. Aftredend en terstond herkiesbaar: Erik van Gruijthuijsen (ANP.
Als overige bestuursleden stelt het zittende bestuur voor, in alfabetische
volgorde:
3. Marcel Gelauff (NOS Nieuws)
4. Paul van Gessel (BNR Nieuwsradio)
5. Laurens Verhagen (Nu.nl).
Pieter Broertjes merkt op niet enthousiast te zijn omdat er geen vrouw in het
nieuwe bestuur komt.
De voorzitter zegt te kijken naar mensen en niet naar of iemand man of vrouw
is.
Bernadette Slotboom geeft aan dat een vrouw in het bestuur belangrijk is. Op
dit moment is er binnen het bestuur geen vertegenwoordiger van een tijdschrift
of landelijke krant. Het bestuur kan nog met twee personen worden uitgebreid.
Het nieuwe bestuur kan hier naar kijken.
8. Jaarrede voorzitter
Jaarrede 2010
Toespraak Arendo Joustra, voorzitter van het Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren, op de Jaardag van het Genootschap in de Statenzaal van het Gouvernement van Limburg in Maastricht, vrijdag 28 mei 2010, 14.00 uur.
Waarde Genoten,
Uiteraard wil ik graag beginnen met het feliciteren van de nieuwe bestuursleden en in het bijzonder onze nieuwe voorzitter Pieter Sijpersma. Dank dat jullie deze taak op je wilt nemen. En ik wens jullie allen – en daarmee het Genootschap - veel goeds.
Het voorzitterschap van het Genootschap, zo
heb ik ervaren, is bijna net zo lastig als het hoofdredacteurschap. Als
hoofdredacteur geef je leiding aan een geïnstitutionaliseerde anarchie. In
feite geef je leiding aan mensen, allen professionals, die vinden dat ze
eigenlijk geen leiding nodig hebben. U weet er zelf alles van.
Met het Genootschap is het niet veel anders. U laat zich, terecht, weinig
gezeggen. Een ieder bepaalt zelf wel – en voor zichzelf - wat ‘recht en slecht’
is, om de titel van het populaire radiopraatje van mr. Benno Stokvis uit de
jaren zestig te citeren. Vandaar dat het Genootschap altijd heel terughoudend
is om als zedenmeester van de journalistiek op te treden.
Neem nou dat gedoe over het jongentje Ruben uit Tilburg. In het Genootschap wordt over wat je wel en niet mag doen, zeer verschillend gedacht. Het heeft dan ook weinig zin elkaar de maat nemen, vooral ook omdat fatsoen een kwestie van smaak is. Daarbij is fatsoen zowel in tijd als internationaal gezien geen statisch begrip. De veranderingen en de verschillen zijn groot. Eenduidige regels zijn dan ook lastig te formuleren.
Discussie over fatsoen, ook in het
Genootschap, is goed, zoals ook de discussie over onze eigen code goed en
leerzaam was. Het kunnen toetsen van je eigen opvattingen is nuttig, zowel voor
het nuanceren als voor het aanscherpen ervan.
Maar blijkbaar wil de buitenwacht dat de media streven naar eenheid, consensus,
richtlijnen en gelijkschakeling. Vooral politici laten zich in dit verband
graag horen, zoals dinsdag 25 mei bleek tijdens een bijeenkomst van de Raad
voor de Journalistiek en de NVJ in Amsterdam. Hoe masochistisch moet je
overigens zijn om bij zo’n discussie de politiek te vragen hoe de journalistiek
zich moet opstellen?
De afgelopen weken is een paar keer verwezen naar de Raad voor de
Journalistiek, die met een soort richtlijn voor de privacy zou willen komen.
Maar wie zit daarop te wachten? Elke hoofdredactie is toch heel goed zelf in
staat eigen normen vast te stellen? Die hoeven niet voor alle media
gelijkluidend te zijn. Pluriformiteit van de media houdt nu juist in dat er verschillen
zijn tussen media. Niet alleen qua politieke opvattingen, maar ook qua toon en
journalistieke keuzes. We pleiten altijd voor pluriformiteit, voor
veelkleurigheid, maar als die optreedt, dan roepen we ach en wee.
Kortom, discussie is prima, maar ik zit niet te wachten op een generieke
richtlijn van de Raad voor de Journalistiek.
Het Genootschap is dus terughoudend als
zedenmeester. Maar dit betekent niet dat het Genootschap monddood is of niet
naar buiten kan treden. Welnee, integendeel. Toen ik aantrad, hield de doyen
van het Genootschap, erelid Rimmer Mulder, me voor dat het Genootschap zich
minder moest verdedigen tegen alle kritiek. Het is vooral zaak, zo zei hij, om
uit te leggen hoe de journalistiek werkt, waarom journalisten doen wat ze doen.
Aan die wijze raad heb ik me de afgelopen vier jaar gehouden, ook in de
wetenschap dat de kritiek op de journalistiek van alle tijden is en dat in de
discussie eigenlijk heel weinig verandert. In 1932 boog de voorganger van de
NVJ, de Nederlandsche Journalisten-Kring, die toen nog geleid werd door
hoofdredacteuren, zich over sensatiejournalistiek, en dat was ook toen al, niet
voor het eerst.
Aan bijeenkomsten waar je mag uitleggen hoe
de journalistiek werkt, is in Nederland geen gebrek. Ik ben het dan ook niet
eens met Kamervoorzitter Gerdi Verbeet, die in haar Kees Lunshoflezing betoogde
dat de pers te weinig aan zelfreflectie doet. Op redacties gaat het voortdurend
over keuzes die het eigen medium en andere media maken. Bovendien zijn er bijna
wekelijks bijeenkomsten, al of niet gehouden door organisaties van journalisten
zelf, die de journalistiek ter discussie stellen. En dan heb ik de Raad voor de
Journalistiek, mede opgericht door het Genootschap, nog niet eens genoemd.
Bovendien is er natuurlijk nog de zelfreinigende werking van de berichtgeving
over de journalistiek in de algemene media en in vakbladen als Villamedia en op
een weblog als De Nieuwe Reporter. Het is jammer dat de omroep daarbij
achterblijft. Het radioprogramma Boemerang (goede titel) verdween al decennia
geleden en vorig jaar hield ook De Leugen Regeert ermee op.
De Jaarrede van de voorzitter is bedoeld om
discussie bij de leden los te maken, want ze wordt altijd gevolgd door een
debat- en vragenronde. Welnu, het jongetje uit Tilburg heb ik al genoemd. Maar
er zijn nog twee kwesties die spelen in de actualiteit.
In de eerste plaats heeft het afreden van Birgit Donker bij NRC Handelsblad de
discussie over de verhouding directie en hoofdredactie nieuw leven ingeblazen.
Dat komt natuurlijk ook door de mindere tijden die we door de economische
crisis beleven, waardoor die verhouding tussen directie en hoofdredactie onder
spanning komt te staan. Daarbij zijn nieuwe meesters het land binnengetrokken,
uit Groot-Brittannië en België, die een andere cultuur met zich meenemen als
het gaat om de verhouding tussen directeur en hoofdredacteur. Het is overigens
aan de Belgische leden van de grondwetcommissie te danken dat in 1815 de
persvrijheid in onze Grondwet is opgenomen.
Historisch gezien is de scheiding tussen de
zakelijke en journalistieke leiding in Nederland nogal streng, getuige ook de
uitspraak, precies honderd jaar geleden van mr. Plemp van Duiveland toen hij
het voorzitterschap van de Nederlandsche Journalisten-Kring aanvaardde. Bij die
gelegenheid zei hij:
‘Wij moeten tegenover de directies ons beroep zeer fier hoog houden, in het
bewustzijn dat, hoe onmisbaar ook de kapitaalkracht, de ondernemingsgeest, de
commercieele eigenschappen zijn, die een dagblad-onderneming evenzeer behoeft
als elke andere industrieele- of handelszaak, het tenslotte de geest, de
bekwaamheid en de aanleg van de journalisten zijn, waarvan het afhangt of de
krant naar behooren voorziet in een levensbehoefte van honderdduizenden.’
Beide partijen, directie en hoofdredactie,
hebben voordeel van die strenge scheiding. De hoofdredactie kent de lezer,
luisteraar, kijker vaak het best, wat gunstig kan zijn voor de ontwikkeling van
de oplage en luister- en kijkcijfers. Een verstandige directie laat de redactie
wat dat aangaat haar gang gaan.
Daarbij ken ik zeer commerciële directies die het wel uit hun hoofd laten de
hoofdredactie lastig te vallen met belangen van adverteerders, omdat zo’n
directie beseft dat op de lange termijn haar medium het beste is gediend met
een redactie die onafhankelijk en gescheiden van de belangen van adverteerders
opereert.
Hiermee is niet gezegd dat over de globale positionering van het medium nooit
overleg mogelijk is. Het kan de pluriformiteit van de media die we allen keer
op keer bepleiten, alleen maar ten goede komen. Tijdens het tijdperk van de
verzuiling was het aanbod veelkleurig en divers, maar toen de redacties, met
het redactiestatuut in de hand, het zelf voor het zeggen kregen, begon er een
opvallende overeenstemming te ontstaan qua journalistieke agenda, opvattingen
en gezindheid. Uitzonderingen daargelaten.
In de verdringingsmarkt waarin de media per
definitie opereren, is dat een gevaarlijke ontwikkeling. Het speelveld wordt zo
kleiner gemaakt, in plaats van groter. In die zin hebben ze het bij de publieke
omroep beter begrepen. De uitspraak van Henk Hagoort dat de
actualiteitenrubrieken 3 x de Volkskrant zijn, heeft veel kritiek ontmoet. Maar
heeft hij het in beginsel niet bij het rechte eind?
Tijdens de verzuiling werd het speelveld heel breed getrokken, en was er voor
elk wat wils. Door de ontzuiling ontstond kluitjesvoetbal en koekoek één zang.
Met vrij gelijkluidende opvattingen over wat kwaliteit is en wat goed en fout.
Laten we niet angsthazig omgaan met
voorstellen om kranten, tijdschriften, en rtv-programma’s te herpositioneren.
En dan heb ik het, zeg ik met nadruk, niet alleen over de politieke oriëntatie.
Maar ook en vooral over sfeer, interesses, agenda. Met een verbreding van het
speelveld is de pluriformiteit gediend en kan een nieuw publiek worden
aangeboord. Als we dit als hoofdredacteuren niet zelf ter hand nemen, zal het
ons overkomen door een doortastende eigenaar of financier, of gaan we, met ons
medium, wellicht ten onder.
Mag ik me dan nu, hopelijk namens u allen, richten op de overheid? Er is een
groeiende ergernis bij de journalistiek over de toepassing van de Wet
Openbaarheid Bestuur. Dertig jaar geleden, toen deze wet van kracht werd, liep
Nederland voorop met de openbaarheid van bestuur. Nu blijkt uit talrijke
rapporten dat Jan Romeins wet van de remmende voorsprong heeft toegeslagen.
Nederland bungelt nu een beetje achteraan.
Overheden traineren verzoeken, overschrijden de termijnen, zetten overal het
etiket STAATSGEHEIM op, sturen aan op rechterlijke uitspraken, gaan de
informatie te lijf met een stift, zoals Ad van Liempt in zijn toespraak op de
Dag van de Persvrijheid liet zien, of laten zich voor de informatie betalen.
Blijkbaar vergeet de overheid dat dit soort informatie niet van haar is, maar
van de burger. En als de burger deze informatie vraagt, dient de overheid deze
informatie zonder dralen en zonder er geld voor te vragen te overhandigen.
Het zou mooi zijn als in de komende kabinetsformatie afspraken worden gemaakt
over een betere openbaarheid, die zich ook uitstrekt over allerlei diensten die
dertig jaar geleden nog tot de overheid behoorden, maar inmiddels op afstand
zijn gezet en daarmee niet meer onder de wet vallen. Ook andere organen met een
publieke taak zouden onder de wet moeten vallen, dus ook ziekenhuizen en
staatsbedrijven als de NS.
Overigens maken recente uitspraken van het Europese Hof in Straatsburg zo’n
aanpassing noodzakelijk. Ik verwijs daarbij naar het arrest Társaság a
Szabadságjogokért – onthoud die naam - tegen Hongarije van 14 april 2009.
Tot slot. Het is met enige spijt dat ik
afscheid neem. Sinds de Najaarsvergadering van 2000 ben ik lid geweest van het
bestuur en de afgelopen vier jaar heb ik, zoals mijn voorganger Pieter
Broertjes het zou noemen, uw voorzitter mogen zijn.
Welnu, het genoegen is geheel aan mijn kant. Mijn periode als voorzitter heb ik
als zeer leerzaam en inspirerend ervaren. Bovendien heb ik met het huidige
bestuur ongelofelijk veel gelachen. Dank jullie wel, Bernadette, Marcel, Erik,
Pieter, Harm.
Graag wil ik drie personen afzonderlijk
noemen. In de eerste plaats is dat Kees Lunshof, die tot zijn veel te vroege
dood in 2007 deel uitmaakte van het bestuur. Sindsdien missen wij zijn
wijsheid, contacten, gebrom en vriendschap.
In de tweede plaats René van Rijckevorsel, mijn plaatsvervanger bij Elsevier,
die gedurende het voorzitterschap steeds meer taken van mij bij Elsevier moest
overnemen. Dank je wel René.
En dan iemand die niet voldoende kan worden geprezen voor al het werk dat zij
schijnbaar moeiteloos en altijd opgewekt voor het Genootschap heeft verricht,
Henny Engberts.
Dank u wel, het gaat u allen goed.
9. Vagen, discussie naar
aanleiding van de jaarrede van de voorzitter
Willem Schoonen wil naar aanleiding van de passage over het aftreden van Birgit
Donker bij NRC Handelsblad en de verhouding tussen directie en hoofdredactie
opmerken dat de hoofdredactie van Dagblad Trouw één opdracht heeft meegekregen
namelijk een goede krant maken
Marcel Gelauff spreekt zijn dank uit nav zijn benoeming tot secretaris van het
Genootschap. Hijj hoopt een waardige opvolger te zijn van Marcel van Lingen.
Over de commotie rondom het jongetje Ruben merkt hij op dat Hans Laroes gepleit
heeft voor een gedragscode. De RvdJ zou daarin het voortouw kunnen nemen.
Achteraf gezien vindt Laroes dat de NOS te snel beelden van het jongetje Ruben
heeft laten zien. De discussie zal gekanaliseerd worden.
Arendo zegt dat onze code of een richtlijn laat zien waar je staat.
Henk Blanken vult aan dat in de leidraad van de RvdJ al iets staat over
privacy.
10. Rondvraag en sluiting
Erik van Gruijthuijsen meldt dat zojuist bekend is geworden dat het ANP een
nieuwe eigenaar heeft: V-Ventures, een investeringstak van de Vereniging
Veronica. Dit is volgens Erik goed
nieuws voor het ANP en voor de journalistiek. V-Ventures wordt voor 100 procent
eigenaar van het ANP. Voor de afnemers verandert er niets, alles wat nu geldt blijft
onveranderd.
Pieter Sijpersma zegt dat voor het vertrek van de voorzitter en de vier
bestuursleden gekozen is voor een sober afscheid. Het bestuur in de huidige
samenstelling heeft goed samengewerkt en veel plezier gehad. Pieter dankt
Bernadette, Harm en Marcel en tevens veel dank voor onze welbespraakte,
bedachtzame en voorkomende voorzitter Arendo Joustra, die zich een voortreffelijk
ambassadeur heeft getoond in de afgelopen jaren.
De voorzitter sluit de vergadering om 14.15 uur.
In het middagprogramma aandacht voor het ‘sterrengedrag’ van bekende
Nederlanders met aansluitend discussie. Verder een optreden van advocaat Olaf
Trojan over de bescherming van leden van het Koninklijk Huis en een discussie
over de verkiezingspolls met dr. Philip van Praag, politicoloog aan de UvA.
Einde middagprogramma: 17.00 uur.
he

